Zelf checken? Zo vanzelfsprekend!

Anton is een echt buitenmens: wandelen, fietsen en varen. “Varen is voor mij een gevoel van vrijheid, genieten van het weer en de natuur” zijn INDR? Die meet Anton zelf. Gewoon met de vingerprik. Zo kan hij gaan en staan waar hij wil.

Klik op de video om Anton’s hele verhaal te bekijken.

Ook starten met zelfmeten? Neem contact op.

Met zelfmeten bedoelen we dat niet een medewerker van de trombosedienst maar uzelf uw INR meet. U prikt zelf een druppel bloed die u op de teststrip aanbrengt. De INR-meter geeft een waarde weer op het display. Deze waarde geeft u door aan de trombosedienst. Zij vertellen u vervolgens wat de nieuwe dosering van uw medicatie wordt, vaak al dezelfde dag. Mag ik u deze handige folder geven? Daarin staan de stappen precies beschreven.

Er zijn drie grote voordelen:

1. Flexibiliteit; omdat u zelf prikt op een moment dat het u uitkomt, kunt u uw dag indelen zoals u zelf wilt. U hoeft niet meer naar een prikpost of thuis te blijven tot een medewerker van de trombosedienst bij u langskomt. Dat is ook handig als u langere tijd van huis bent, voor een vakantie of een weekendje weg bijvoorbeeld.

2. Controle: door zelf te prikken krijgt u een beter beeld van uw INR-waarden over tijd. Voelt u zich niet lekker? Met een vingerprik weet u direct wat uw INR-waarde is. Bij een te hoge of te lage waarde kunt u direct actie ondernemen

3. Zelfstandigheid; het is fijn om niet van anderen afhankelijk te zijn. Net als bij andere alledaagse zaken zoals boodschappen doen, koken en wassen draaien, voelt het goed om zelfstandig te zijn en te blijven. Ook als u een dagje ouder wordt.

Voordat u begint met zelfmeten volgt u een korte training bij uw trombosedienst. Tijdens deze training komen alle aspecten van het zelfmeten aan bod; het bedienen van de prikpen en de CoaguChek© meter, het doorgeven van de INR-waarden en de manier waarop u een nieuwe doseerkalender ontvangt. U krijgt genoeg gelegenheid om te oefenen. Bestaat er na de training Nog twijfel over uw vaardigheden? Dan zal de trombosedienst u blijven prikken.

In principe kan iedereen leren zelfmeten. Het is wel aan te raden te wachten tot u stabiel bent ingesteld.

Technologie is onderdeel geworden van het dagelijks leven. Het bedienen van een INR-meter is niet ingewikkelder dan het bedienen van een mobiele telefoon, een elektrische fiets of een magnetron. Ook op hogere leeftijd kunt u nog leren zelfmeten. Velen gingen u al voor. Het is eenvoudiger dan u wellicht denkt.

U volgt een vast schema voor het doen van metingen. Als u per ongeluk vergeet uw waarde door te geven, zal de trombosedienst u hieraan helpen herinneren. U kunt hier ook herinneringen voor instellen op uw mobiele telefoon of het als afspraak in uw papieren agenda zetten als u die gebruikt.

Nee, de trombosedienst kijkt op de achtergrond altijd met u mee. Als de waarde die u meet sterk afwijkt van wat werd verwacht, zal een medewerker contact met u opnemen. En als u per ongeluk vergeet een keer te meten, zullen wij u hieraan helpen herinneren. Ook kunt u met vragen altijd bij een van onze medewerkers terecht.

Er is voor u geen prijsverschil met andere vormen van antistollingszorg. Zelfmeten wordt uit de basisverzekering vergoed. Zoals met alle zorg, betaalt u wel een eigen risico. Hoe hoog uw eigen risico is, hangt af van de afspraken die u met uw zorgverzekeraar hebt gemaakt.

De CoaguChek® heeft een helder display. De INR-waarde wordt extra groot weergegeven zodat deze voor bijna iedereen goed af te lezen is. Steeds vaker wordt er ook gebruikgemaakt van apps waarmee uw waarde automatisch wordt doorgegeven aan de trombosedienst. Dan hoeft u zelf niets meer over te typen. Informeer naar de mogelijkheden bij uw trombosedienst. Gaat uw zicht verder achteruit? Misschien is er iemand in uw omgeving die u kan helpen. We zien vaak dat een naaste, een buur of een mantelzorger hierbij kan helpen. Lukt zelfmeten niet meer? In overleg kunt u altijd weer overstappen op een behandeling waarbij uw trombosedienst u prikt.

Het is altijd vervelend als u door trillende handen beperkt bent in uw dagelijks leven. Voor het prikken en aanbrengen van de druppel bloed is een redelijk vaste hand nodig. Verkeerd aanbrengen van het bloed kan een foutmelding veroorzaken. Dan moet de meting opnieuw. U kunt altijd tijdens de training proberen of het lukt. Als blijkt dat uw handen te heftig trillen, zijn er ook andere oplossingen denkbaar. Misschien is er iemand in uw omgeving die u kan helpen. Een naaste, een buur of een mantelzorger bijvoorbeeld. Lukt zelfmeten niet meer? In overleg kunt u altijd weer overstappen op een behandeling waarbij uw trombosedienst u prikt.

Voor het doorgeven van de INR-waarden gaat u naar het digitale doseerportaal. Dat kan via een smartphone, tablet of computer. Tijdens de training komt ook dit aan bod. Onze ervaring is dat als u dit een paar keer heeft gedaan, het onderdeel dan een routine wordt. Steeds vaker wordt er ook gebruikgemaakt van apps waarmee uw waarde direct van de CoaguChek® meter wordt doorgegeven aan de trombosedienst. Dan hoeft u zelf niets meer over te typen. Informeer naar de mogelijkheden bij uw trombosedienst.

Ik kan niet zo goed tegen bloed Voor het doen van een meting is maar één druppel bloed nodig. U krijgt een prikpen die u instelt op een prikdiepte die voor u goed werkt, niet te diep maar ook niet te oppervlakkig. In het begin is het misschien even wennen, maar als u het een paar keer heeft gedaan, zult u zien dat het om een heel kleine hoeveelheid bloed gaat. Op de meeste prikposten wordt tegenwoordig overigens ook met een vingerprik bloed afgenomen. Dat is dus niet anders.

Wij begrijpen dat het even wennen zal zijn als u niet meer regelmatig naar een prikpost hoeft te komen/ niet meer thuis wordt bezocht door een medewerker van de trombosedienst. Zeker als u de medewerkers al jaren kent. Door dalende patiëntenaantallen moeten steeds meer prikposten sluiten. Het is niet uit te sluiten dat u in de toekomst verder moet reizen om een prikpost te bezoeken. Het is beter om niet af te wachten en nu al over te stappen. Zo bent u beter voorbereid.

Mensen die op zelfmeten overstappen, zijn daar over het algemeen heel tevreden over. Zelfmeten kan een nieuwe routine worden. Boven-dien moeten als gevolg van dalende patiëntenaantallen steeds meer prikposten sluiten. Het is niet uit te sluiten dat u in de toekomst verder moet reizen om een prikpost te bezoeken. Het is beter om niet af te wachten en nu al over te stappen. Zo bent u beter voorbereid.

“Zelfmeten kent alleen maar voordelen.”
Vrouw, 66 jaar

“Je kunt gaan en staan waar je wilt. Ik vind zelfmeten echt perfect.”
Man, 77 jaar

“Zelfmeten geeft mij een gevoel van controle.”
Man, 69 jaar

“Ik heb lang geroepen ‘zelfmeten, dat ga ik niet doen’. Ik heb het op mijn tachtigste toch geprobeerd. Nu, vijf jaar later, zou ik nooit meer anders willen.”
Vrouw, 85 jaar.

In Nederland wordt antistollingszorg verzorgd door trombosediensten. De trombosedienst is uw eerste aanspreekpunt als het om uw antistollingsbehandeling gaat. Of u ervoor in aanmerking komt is dan ook een afweging die u samen met uw trombosedienst maakt. Artsen kunnen wel adviseren over het type medicatie dat u gebruikt.

 

Wij raden aan om, voordat u een INR-meting doet, altijd eerst uw handen met warm water te wassen. Daarmee verkleint u de kans op infecties en vloeit het bloed makkelijker. Als u wilt, kunt u de prikplek daarna nog ontsmetten met een beetje ontsmettingsmiddel. Als u zich aan deze hygiënevoorschriften houdt, zal de prikplek niet snel ontsteken.

De vingerprik wordt gedaan met een heel dunne naald. Die wordt ook wel ‘lancet’ genoemd. De lancetten zijn ontworpen om uw huid minimaal te beschadigen. De lancetten komen in een speciaal ontwikkelde prikpen. Bij correct gebruik is de naald niet zichtbaar. En als het goed is, stolt het bloed op de prikplek vrij snel. Wilt u het anders eens zelf proberen?

Goed idee om het zelfmeten eens te proberen! Voordat u begint met zelfmeten volgt u een training bij uw trombosedienst. Tijdens deze training komen alle aspecten van het zelfmeten aan bod; het bedienen van de prikpen en de CoaguChek® meter, het doorgeven van de INR-waarden en de afspraken over de samenwerking Tussen u en de trombosedienst. U krijgt genoeg gelegenheid om te oefenen. Voelt u zich na het volgen van de training niet comfortabel met het zelfmeten? Bespreek dit dan met uw trombosedienst, zij helpen u dan uiteraard graag op de vertrouwde manier verder.

Als u gewend bent zelf uw bloedglucose te prikken, zal het bepalen van uw INR voor u geen enkel probleem zijn. Het zelf meten van een INR en het zelfmeten van bloedglucosewaarden vertonen veel overeenkomsten. Voor beide metingen wordt een prikpen, een teststrip en een meter gebruikt. Het grote verschil is de frequentie: mensen die elf hun INR bepalen doen dat over het algemeen minder vaak dan mensen met diabetes. Uw INR bepaalt u minimaal één keer per zes weken, vaker als uw waarden schommelen.

 

Wij begrijpen dat het even wennen zal zijn om af te stappen van oude gewoontes. Het voordeel van een digitale doseerkalender is dat u veel sneller op de hoogte bent van uw nieuwe doseerschema, op werkdagen vaak dezelfde dag als het meten van uw INR. Bij papieren doseerkalenders die via de post worden verstuurd, kunnen er meerdere dagen overheen gaan voordat u uw nieuwe doseeradvies ontvangt. Ook is postbezorging niet in alle regio’s even betrouwbaar gebleken. Om het risico op een bloeding of een stolsel zo klein mogelijk te houden, is het belangrijk dat u zo snel mogelijk start met uw nieuwe dosering en niet pas na een aantal dagen.